Posts tonen met het label overheid. Alle posts tonen
Posts tonen met het label overheid. Alle posts tonen

vrijdag 28 juni 2013

De witte olifant van Vác

Op een haar na af...
Zachtjes en zonder er ruchtbaarheid aan te geven schijnen ze in Vác het betaald parkeren afgeschaft te hebben. Toen de Donau een paar weken geleden overstroomde, werden de parkeerautomaten uitgeschakeld, om bewoners van de oever de kans te geven hun vehikel gratis droog te parkeren. Dat ze niet meer zijn aangezet, is geen foutje, maar beleid: onderdeel van het feit dat ze de witte olifant van Vác ten grave hebben gedragen.

Wat moeilijk is, want die witte olifant (een mooie Engelse term voor iets dat klauwen met geld heeft gekost en dat de eigenaar zich eigenlijk niet kan veroorloven) ligt onder de grond, al jaren. Midden in het centrum, op een steenworp afstand van het fraaie hoofdplein, bevindt zich wellicht de lelijkste plek van het stadje: een braakliggend bouwterrein waaronder zich een drie verdiepingen tellende parkeergarage met 300 parkeerplaatsen verschuilt. Waarom een stadje van zo'n 34000 inwoners een parkeergarage van die omvang nodig heeft, mag Joost weten. Ik woon in het centrum, en af en toe is het wel lastig een plekje te vinden. Maar 300 plekjes? Zo druk is het zelden in de binnenstad van Vác.
Je kunt er dan ook vraagtekens bij zetten wat het vorige gemeenteraadsbestuur bewogen heeft tot de bouw van dit monstrum. Grootheidswaan? Een handige zakenjongen die ze erin heeft gepraat? Of een project waar de gemeentebestuurders zelf een aardig centje wijzer van zijn geworden? Dat laatste is uiteraard de verklaring van het huidige, Fidesz-gezinde bestuur, want de vorige burgemeester was een socialist.
Wat mij betreft: iedere verklaring is mogelijk. Het besluit was in ieder geval rampzalig, een financiële last die de gemeente zich niet kan veroorloven en Vác zit nu dus al jaren met een spuuglelijke bouwplaats in het hart van de stad. Geen ongewoon verschijnsel: Boedapest had in 1998 ook lange tijd een enorm gat in het hart van de stad, toen de toenmalige Fidesz-regering de bouw van het door de socialisten bedachte Nationale Theater op het Deak tér liet stilleggen, omdat ze zelf ander plannen voor dat theater hadden. Dus werd er opnieuw begonnen, ergens ver buiten het centrum. De bouwput stond lange tijd leleijk te wezen, tot hij werd omgebouwd tot de Gödör, een soort verzonken plein annex uitgaanscentrum.
De buik van een witte olifant
Maar voor zo'n oplossing is het in Vác al te laat. De parkeergarage is, als je het zo ziet, feitelijk af.


woensdag 27 juni 2007

AMBTENARENTAAL

Het aardige als je een minister interviewt, is dat je nog eens een idee kwijt kunt. Vooral in het geval van Tibor Draskovics, de minister die verantwoordelijk is voor de hervorming van het Hongaarse overheidsapparaat. Hij zit namelijk te springen om goede ideeën. ‘Best practices’ heet dat tegenwoordig in het bedrijfsleven, dat daar dure adviseurs voor inhuurt. De best practices waar Draskovics naar zoekt, zijn ervaringen van andere landen die hun ambtenaren met succes zover hebben gekregen dat ze de burger, niet zichzelf centraal stellen.
Een simpele oplossing, leek mij, is de Nederlandse regel dat ambtenaren verplicht zijn binnen dertig dagen uitsluitsel over een vergunning te geven, anders wordt die automatisch verleend. Dat zou een aardige doorbreking zijn van de Hongaarse praktijk, waarin je als burger geacht wordt binnen acht dagen na dagtekening te reageren op ambtelijke verzoeken, als je pech hebt nog op straffe van bepaalde boetes ook, terwijl diezelfde ambtenaren máááánden de tijd nemen om hun werk te doen.
Goed nieuws: dit idee had de Hongaarse regering ook zonder mijn hulp al bereikt. Sterker nog: vanaf het najaar gaat ook in Hongarije voor ambtelijke beslissingen een maximum termijn gelden. Ik ben benieuwd.
Over een andere Nederlandse praktijk was Draskovics ook te spreken, alleen had hij er zijn twijfels over of die zomaar in te voeren zou zijn. Dat is het streven om ambtelijke schrijvens zoveel mogelijk in gewone mensentaal te stellen. In Hongarije plegen ambtenaren bij voorkeur simpelweg het wetboek te citeren (misschien omdat ze zelf ook geen idee hebben wat er eigenlijk instaat) en dan sta je als burger voor de onmogelijke opgave een tekst te begrijpen die eigenlijk voor juristen geschreven is.
De meeste mensen doen die moeite waarschijnlijk niet eens. Die kijken vermoedelijk vooral of er een gele cheque bij zit die betaald moet worden. Het is mij meer dan eens overkomen dat onze Hongaarse buurvrouw, een vrouw die doceert aan de universiteit, op de vraag of zij kon zeggen wat in een ambtelijke brief stond, glazig begon te kijken en mompelde dat ze het ook niet precies wist.
Draskovics vreesde echter dat helder taalgebruik zo’n culturele omslag in de Hongaarse ambtelijke wereld vereist dat de uitvoering van dat idee wel jaren kan duren. Maar fantastisch zou het wel zijn, verzuchtte hij, en bekende dat het hem ook was overkomen dat hij naar aanleiding van een brief van de belastingdienst geen idee had gehad of hij nu eigenlijk moest betalen, of juist geld terugkreeg. Wat voor een ex-minister van financiën een opmerkelijke bekentenis mag heten.