Posts tonen met het label Hongarije. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Hongarije. Alle posts tonen

woensdag 12 juni 2013

Dagboek van een overstroming 7: en toen was er modder

Modder en vieze poten
Op de markt kom ik de buurman van een paar huizen verderop tegen. Hij ziet er doodmoe uit. Hij is bijna twee dagen achter elkaar op de been geweest, vertelt hij, om zijn huis droog te pompen. Tevergeefs: het water kwam tussen de zakken door de voordeur naar binnen, maar ook van onder de grond: zijn huis ligt zo laag, dat het grondwater tussen de vloer en de muren door naar binnen drong. Parket kapot, scheuren in de muren. Allemaal zaken die ons bespaard zijn gebleven. Dat ons huis iets van een meter hoger op de helling ligt, maakte alle verschil.
We hebben gisteren al het plastic en de zakken uit de poort verwijderd. Een zwarte streep vuil op de muur op pakweg dertig centimeter hoogte geeft aan tot waar het water heeft gestaan. We gaan er een tegeltje plakken: overstroming 2013, 8,04 meter. Verder ziet de muur er prima uit. Dit moet liever niet te vaak gebeuren, maar het is prettig om te weten dat ons huis een forse overstroming kan hebben.
De straat  is doodstil, verkeer kan er nog niet doorheen, en de stoep is met een dikke laag modder bedekt. Spekglad. Max de kat verkent voorzichtig het terrein, aarzelend blijft hij voor een grote plas op straat staan. Aan de overkant lokt de hogere, al drooggevallen stoep. Uiteindelijk stapt hij manmoedig door de plas heen, met een gespreide stap van een kleuter met een vieze luier. Maar die modder op de stoep is niet ook leuk, besluit hij al snel.
Het water is nog niet helemaal uit de straat als we besluiten de zandzakken weg te halen. Hoe eerder alles kan drogen, hoe beter. Gelukkig heeft een vriend aangeboden te helpen, want de hordes vrijwilligers die er bij de opbouw waren, zijn nu in geen velden of wegen te bekennen. En dat, terwijl natte zandzakken een stuk zwaarder zijn dan droge. De vrouw van de buurman met het ondergelopen huis sleept in haar eentje de ene zak na de andere naar de stoeprand. Henk besluit haar een helpende hand te geven. Dat wordt beloond met een kop koffie en een gesprek over luie zigeuners. Tja.
De berg zandzakken zal nog een tijdje voor de deur liggen, meldt een man van de rampenbestrijding. Onze straat heeft een oud, gebrekkig laagje asfalt met daaronder een oud, gebrekkig laagje beton. Het grondwater moet eerst omlaag voor ze er met een vrachtauto overheen durven. Maar goed, het park is nog niet droog, maar wij kunnen de deur weer uit, en morgen komt de hond terug. De overstroming is voorbij. Dit dagboek ook.

Dagboek van een overstroming, deel 8.

maandag 10 juni 2013

Dagboek van een overstroming 5, zondag. Evacuatie

Oproep tot evacuatie
Ook een leek kan zien dat de Donau voor ons huis niet of nauwelijks nog stijgt. Het water staat in onze poort, maar het huis is droog. Kortom, in Vác hebben we het ergste gehad, denken we, als we ’s ochtends twee mannen in waterdichte overalls in onze richting zien waden. De hele straat wordt opgeroepen voor een bijeenkomstop in het stadhuis. Waarover? Geen idee, zeggen ze.
Mij bekruipt een duister vermoeden: ze zullen ons toch niet te elfder ure evacueren? Wel dus. In het stadhuis wachten ons de burgemeester, de commandant van de rampendienst en een formulier dat meldt dat deze evacuatie verplicht is en waarop we kunnen kiezen voor gemeentelijke, of eigen noodopvang. Overdag mogen we thuis zijn, maar daar slapen is verboden. Althans, dat geldt voor vrouwen en kinderen. Mannen mogen blijven om een oogje in het zeil te houden. En de politie zal onze huizen trouw bewaken.
De vraag waarom, juist nu de Donau gaat dalen, wordt beantwoord met een “omdat wij dat besloten hebben”. Dat antwoord past bij de aanpak van veel Hongaarse autoriteiten, maar het werkt als olie op het vuur. Alle opgekropte boosheid over het gebrek aan hulp in onze straat komt er uit. Een bejaarde vrouw zegt dat ze alleen gekomen is, omdat haar man water uit hun huis aan het pompen is, en niemand hen verder is komen helpen. Anderen klagen over het gebrek aan materiaal of deskundig advies over hoe je eigenlijk een muur van zandzakken moet bouwen. De mensen in het wel beschermde deel zijn er overigens het slechtste aan toe. Bij sommigen staat het water daar zestig centimeter in de kamer. De man van de rampendienst doet zijn best de storm te weer te staan. De burgemeester zegt niets en kijkt alsof hij er niet bij hoort.
Ik vraag of we weg moeten als het in ons huis gewoon droog is en we ook niet door het water hoeven om eruit te komen. Ja, verzucht de commandant, en als hij dan eindelijk uitlegt dat de stabiliteit van de huizen door het hoge grondwater in gevaar kan komen, gaan mensen serieus over het evacuatiebevel nadenken. Al vragen degenen bij wie het huis bij vorige overstromingen ook vol water stond, zich af waarom ze toen mochten wel blijven.
Tent in de tuin
Het gevoel dat er paniekvoetbal wordt gespeeld, knaagt, maar aan de andere kant, waarom een risico nemen? Achter ons huis is een hoog en droog gelegen tuin met een grasveld en we besluiten daar te kamperen. Daarvoor moeten we toestemming vragen, en die geeft de commandant, wel wat verbaasd, maar toch. Een vriendin vindt het een prima idee en leent een tentje, en ook onze buren slaan prompt een tent op in hun tuin.
Dan waden om half zeven ’s avonds de burgemeester en de commandant in waterdichte overalls te voet door het water voor ons huis voorbij. Ze controleren nog eens telefoonnummers en aantal inwoners, en vragen naar de toestand. Is het droog in huis? Geen veertig centimeter water binnen? Ah, dan hoeven we helemaal niet te evacueren. Dat, samen met het feit dat de Donau in Vác aan het begin van de avond een centimeter is gedaald, vormen het goede nieuws van de dag. In Boedapest moet de piek nog komen, maar met een beetje mazzel is de boel hier volgens de commandant donderdag weer droog.

Dagboek van een overstroming, deel 6.