Posts tonen met het label grondwet. Alle posts tonen
Posts tonen met het label grondwet. Alle posts tonen

zondag 21 oktober 2018

Nieuwe wet stuurt daklozen van straat

Foto Runa Hellinga
Dakloze in Budapest
"Arme mensen helpen elkaar." De dakloze Gábor Hulitka wijst naar een sjofele man even verderop die hem net drie bakjes eten heeft gegeven. De man had ook nog een halve liter rosé in de aanbieding, maar die heeft Hulitka geweigerd. Hij drinkt niet. Nou ja, niet meer. "Ik heb gedronken en drugs gebruikt. Ik was er heel slecht aan toe". Hij wijst naar het bidprentje aan zijn voeten: "Maar Jezus heeft me geholpen. Ik gebruik niets meer."
Het is Hulitka, een voormalige kok, dan ook niet echt aan te zien dat hij al jaren op straat leeft, samen met zijn hondje Patricia. De goed verzorgde tekkel kwam op straat terecht nadat ze als pup door haar eigenaren uit de auto was gezet. Hulitka zelf werd dakloos omdat zijn huurwoning in vlammen opging.
Vervangende woonruimte was er niet. Hongarije kent nauwelijks een huurwoningmarkt, laat staan sociale woningbouw. Wie zijn woonruimte kwijtraakt - in 2017 werden 11.000 woningen vanwege betalingsachterstanden ontruimd - is meestal aangewezen op hulp van familie of staat simpelweg op straat, want een hypotheek kun je met schulden en een minimumloon wel vergeten.
Op het platteland koop je voor een paar duizend euro een soort van huis, maar zelfs dat kon Hulitka zich met zijn achtergrond niet veroorloven. Hij bouwde samen met een andere dakloze bij een stortplaats van bouwafval in een buitenwijk van Boedapest een hut. Koud in de winter? Ach, daar wen je aan, zegt hij. Wat hem betreft is het goed zo: "Ik zou niet anders meer willen. Ik heb niets met het systeem te maken, heerlijk."
Maar het systeem wil wel iets met hem te maken hebben. In juni werd het in Hongarije namelijk grondwettelijk verboden om op straat te leven, of letterlijk "de publieke ruimte te gebruiken voor levensdoeleinden." Begin vorige week trad de wet officieel in werking. Wie dakloos is, moet 's avonds naar een daklozenopvang. Daklozen zouden, aldus de motivatie achter de wet, de publieke veiligheid in gevaar brengen, ze zouden stelen en bovendien een risico vormen voor de volksgezondheid.
Niemand weet precies hoeveel daklozen Hongarije telt. Families die hun woning verliezen, worden opgevangen in speciale familieopvang: een enkele kamer zonder eigen voorzieningen. Daarom tellen ze in de cijfers niet mee. Wie ingeschreven staat bij een familielid evenmin.
Bálint Misetics van de daklozen-belangenorganisatie Az Város Mindenkié (De stad is van allen) schat het aantal feitelijke daklozen in Boedapest op 15.000 en landelijk op zo'n 30.000. Er zijn in het totaal 11.000 opvangplaatsen, waarvan het overgrote deel in Boedapest. "Er zijn hier in de stad waarschijnlijk zo'n 2000 tot 3000 mensen die altijd buiten slapen, ook in de koudste dagen," zegt hij.
Het is niet voor het eerst dat Hongarije maatregelen tegen dakloosheid neemt. Tijdens het communisme was zulk ongecontroleerd gedrag sowieso verboden en sinds premier Viktor Orbán in 2010 aan de macht kwam, is de wetgeving geleidelijk strenger geworden. Zo ko
nden gemeenten daklozen vanwege volksgezondheid of publieke veiligheid al verbieden om op bepaalde plaatsen te buiten te slapen of uit vuilnisbakken te eten. De straf: een boete of zelfs gevangenis.
"Maar handhaving van dit soort wetgeving kost een hoop geld,' zegt Misetics, "In praktijk zag je tot nu toe dan ook dat de politie zelden echt iets deed. Zelfs niet als agenten zagen dat daklozen rookten waar het niet mag of bedelden of vochten. En zelfs niet als sociaal werkers om hulp vroegen." Maar niemand durft te zeggen wat de politie met deze nieuwe wet gaat doen.
Hulitka hoopt er het beste van, maar de tekenen zijn niet erg hoopgevend. De eerste daklozen zijn inmiddels voor de rechter gedaagd en veroordeeld, de politie veegt de onderdoorgangen bij de Budapester metro regelmatig leeg en zowel Patricia als zijn hut lopen gevaar. Het 'in het openbaar houden van dieren' geldt volgens de nieuwe wet als een teken dat je de straat als leefruimte gebruikt (net als je op straat omkleden) en de politie heeft bewoners van zelfgebouwde hutten ook al gewaarschuwd dat hun bouwsels afgebroken zullen worden.
Maar Hulitka peinst er niet over om 's avonds naar een daklozenopvang te gaan. Zijn ervaringen daarmee zijn slecht: benauwde zalen met stretchers naast elkaar waar je 's nachts geen oog dicht doet vanwege het gesnurk en de stank. En er wordt veel gestolen.
Hij heeft ook nog een tijdje een bed gehuurd in een arbeidershotel, een simpel onderkomen met meerdere bedden op één kamer. Daar kon je ook overdag terecht, maar verder? Leuk was anders. Trouwens, geen enkele opvang laat Patricia toe. En die is echt belangrijker dan een dak boven zijn hoofd.

donderdag 19 juni 2014

Eindexamenperikelen VII: diploma-uitreiking en een cadeautje van de regering.

Cadeautje voor iedereen: de Grondwet
Op de diploma-uitreiking van je zoon te laat komen: het kan natuurlijk niet, maar ik kon er echt niets aan doen. De trolleybus waarin ik zat, begaf het halverwege de rit. Daarom had ik geen idee wie er aan het woord was toen ik binnenkwam. Iemand met de Hongaarse voorliefde tot lange toespraken, dat was zeker. Eindeloos ging hij door over het feit dat dit een feestdag was en over de etymologische achtergrond van het Hongaarse woord voor feestdag, "ünnepi nap". Blij dat niet de klassenleraar is, stel je voor dat iedere ouderbijeenkomst zo verlopen was, dacht ik na pakweg een half uur, in de veronderstelling dat het een leraar van school was.
Wakker werd ik pas toen de man, de voorzitter van de examencommissie zoals ik pas later hoorde, plots met een huilstem zei dat hij de feestvreugde niet wilde bederven, maar dat hij op deze feestdag toch iets kwijt moest, namelijk hoe gelukkig de leerlingen hier waren dat ze in zulke veilige omstandigheden leefden. Sommige anderen hadden het echt slechter getroffen en leefden onder hele andere omstandigheden.
Een wat verwarde seconde verwachtte ik iets zoals medelevende woorden over kinderen in oorlogsgebieden in Syrië of Afrika. Maar daar ging het niet over. Het ging om het lot van de Hongaren over de grenzen, en dan met name om een meisje dat hij geëxamineerd had in Karpatalja, Transkarpatië, het westelijke puntje van Oekraïne, waar een Hongaarse minderheid van pakweg 150.000 mensen woont. Dat meisje, een uitstekende leerlinge, wilde medicijnen studeren. Maar met de situatie in haar land was het niet ondenkbaar, zei hij, dat ze daardoor misschien ooit in haar leven aan het front zou komen te werken. Nogmaals, echt, hij wilde de feeststemming niet bederven, maar realiseerden de leerlingen hier zich wel in wat voor veilige omstandigheden ze leefden?
Ik zag de klassenleraar met moeite een gaap wegslikken. Hij is een man van korte toespraken en had, hoorde ik achteraf, vooraf zijn hoop uitgesproken dat deze hele ceremonie tien minuten zou duren. Inmiddels waren we dik een half uur en vele wijsheden verder. En we waren nog niet klaar, er volgde nog een lang Grieks gedicht, met veel zinnen over de weg, de waarheid en het leven. Pas daarna was eindelijk het moment aangebroken waarop iedereen zat te wachten: de uitreiking van de diploma's, met lofprijzingen voor de beste leerlingen en een zoen van de juffrouw voor iedereen.
Behalve hun diploma kregen de leerlingen kregen een cadeautje van de regering: een prachtuitgave van de nieuwe Hongaarse grondwet, met op iedere linker pagina een heroïsche plaat uit de Hongaarse geschiedenis en voorin een losse bijlage van 16 pagina's met alle veranderingen die sinds de aanname van deze 'in steen gehouwen' grondwet zijn doorgevoerd. Niet niets, als je bedenkt dat de oorspronkelijke tekst 30 pagina's lang was. Die bijlage stamt uit oktober 2013, en klopt zeker niet meer. De laatste grondwetswijziging is namelijk net een week oud. Echt een geschenk met eeuwigheidswaarde dus.
Maar het diploma van mijn zoon, dat staat als een huis en daar ging het uiteindelijk om. Nu alleen nog het eindexamenbanket, en dan, over vijf jaar, volgens goed Hongaarse gewoonte de eerste reünie. Als het daar tenminste van komt, met al die jongeren die naar het buitenland vertrekken, omdat ze dat toch prefereren boven de veiligheid en zekerheid van een land waar de grondwet in boterzachte zandsteen werd gehouwen.

zaterdag 9 maart 2013

Nieuwe deuken in Hongaarse grondwet

homeless, budapest
Dakloze in Boedapest
Hongaarse daklozen kunnen binnenkort weer op boetes rekenen als ze buiten slapen. Dat is althans de bedoeling van een amendement op de Hongaarse grondwet waar het parlement zich maandag over buigt.
Het amendement is slechts een van vele aanpassingen aan de grondwet waar het parlement maandag over stemt, en waar zowel de Raad van Europa, als de Europese Commissie en de Verenigde Staten zich ernstig zorgen over maken. “Ik ben zeer bezorgd hoe deze grondwetswijzigingen te rijmen zijn met de principes van een rechtstaat,” aldus Raad van Europa-voorzitter Thorbjorn Jagland.
Gemeenten konden daklozen sinds begin vorig jaar beboeten en maakten daar kwistig gebruik van. In een jaar tijd werden 2200 daklozen gearresteerd wegens slapen in de buitenlucht of eten uit prullenbakken. Gezamenlijk kregen ze een kleine 140000 euro aan boetes opgelegd. Een voorbeeld is de 24-jarige gehandicapte Henrietta, die onlangs de krant haalde, nadat ze een boete van 50000 forint (170 euro) opgelegd had gekregen. Ze had bij een fastfoodrestaurant in een provinciaal warenhuis mensen gevraagd of zij de etensresten mocht hebben die ze lieten staan. Henrietta, die maar een arm heeft, had simpelweg honger. Eerder had ze ook al voor voor 60000 forint aan boetes vergaard wegens bedelen. Haar dreigt nu 60 dagen gevangenisstraf omdat ze dat geld onmogelijk kan betalen.
Afgelopen december bepaalde het Grondwettelijk Hof dat zulke straffen tegen de in de grondwet vastgelegde bescherming van de menselijke waardigheid zijn. Dakloosheid is een groeiend probleem in Hongarije. Het officiële aantal daklozen steeg van 8377 eind 2009 tot 10205 in februari 2012. In werkelijkheid ligt het aantal zeer waarschijnlijk aanzienlijk hoger.
Er zijn opvanghuizen, maar velen willen daar niet heen, omdat ze zich onveilig voelen, of, in het geval van alcoholisten, omdat alcohol verboden is. Ze geven de voorkeur aan een metrostation of een zelfgebouwde hut, zelfs al walsen gemeenten zulke bouwsels regelmatig plat. Het Hof noemde dakloosheid in zijn uitspraak geen crimineel, maar een sociaal probleem. Premier Orbán maakte meteen duidelijk dat hij dat anders zag en kondigde aan dat het recht van gemeenten om daklozen te bestraffen in de grondwet zou worden vastgelegd, om zo de “de openbare orde, veiligheid en volksgezondheid en de culturele waarden te beschermen”.
Door dat in de grondwet op te nemen, ontneemt de regering het constitutionele hof het recht erover te oordelen, want dat kan alleen toetsen of een bepaalde wet tegen de grondwet is, niet of de grondwet zelf klopt. Het amendement bepaalt weliswaar wel dat gemeenten zich moeten inspannen om voor huisvesting te zorgen, maar dat zegt natuurlijk niet zoveel.


zondag 24 februari 2013

Liever naar het buitenland

Universiteit van Decrecen
De klas van mijn zoon, die een jaar voor zijn eindexamen staat, had afgelopen tijd weinig belangstelling voor de studentendemonstraties tegen de invoering van collegegeld en tegen de bezuinigingen op het hoger onderwijs in Hongarije. Opmerkelijk, want de leerlingen een klas hoger waren wel degelijk actief. Het probleem raakt hen ongetwijfeld meer, omdat ze deze weken al moeten besluiten over hun toekomst en een universiteit moeten kiezen. Maar een belangrijke reden waarom niemand bij mijn zoon in de klas zich er echt druk over maakt, is vermoedelijk dat studeren in Hongarije in de hoofden van veel  leerlingen een gepasseerd station is. Iets van de helft van de scholieren heeft plannen om naar het buitenland te gaan.
Ook de ouders verwachten niet anders. Op een recente ouderavond was  de vraag "wat moeten ze voor hun eindexamen halen om elders te kunnen studeren" een van de belangrijkste gespreksonderwerpen. De klassenleraar waarschuwde nog, wijselijk, dat het zo simpel niet is. Buitenlandse universiteiten stellen hoge eisen, en in veel gevallen hangt er ook een behoorlijk prijskaartje aan een studie elders.
De klas van mijn zoon is geen uitzondering. Volgens een recente enquête wil 47 procent van de jongeren en 20 procent van alle Hongaren naar het buitenland. Dat getuigt niet direct van vertrouwen in de toekomst, en is behoorlijk in tegenspraak met de state-of-the-nation speech die premier Orbán deze week hield onder het motto "we doen het beter". András Schiffer, leider van de (overigens ook niet erg goed presterende) oppositiepartij LMP had als commentaar: "Orbán kijkt naar een andere film."
De film waar de Hongaarse scholieren naar kijken, is er een waarbij de belangrijkste universiteiten komend jaar iets van een kwart van hun budget kwijtraken, en waarbij zijzelf, als ze een studiebeurs willen, een contract moeten ondertekenen dat ze na hun studie het dubbele aantal jaren van hun studie in Hongarije zullen werken. Een soort terugbetalen van hun schuld aan de samenleving, aldus de regering, die zo wil voorkomen dat Hongaars intellect massaal naar het buitenland gaat.
Het omgekeerde effect lijkt het resultaat. Een vriendin van mij, directrice van een middelbare school, vertelde dat van de vorige eindexamenklas 20 procent van de leerlingen in september al naar het buitenland was vertrokken. En degenen die gaan, zijn de slimsten, met de beste cijfers en de beste talenkennis.


vrijdag 30 december 2011

Nieuwe Hongaarse grondwet

De nieuwe grondwet die Hongarije op 1 januari invoert, is volgens premier Viktor Orbán een belangrijke stap in de definitieve afrekening met het communisme. Maar critici zien de wet eerder als een belangrijke stap in de invoering van een nieuw autoritair bewind. En de beelden van 27 oppositieparlementariërs en activisten die de dag voor Kerstmis werden gearresteerd omdat ze protesteerden tegen de wijze waarop wetgeving er in het parlement zonder discussie doorheen wordt gejaagd, bevestigen het imago van een bewind dat het met de democratie niet erg nauw neemt.
De arrestaties waren slechts één incident in een roerige week waarin vooral de persvrijheid te leiden had. In het begin van de week kreeg Klubrádio, het enige oppositionele radiostation, te horen dat het per februari haar frequentie kwijtraakt aan een nieuwe muziekzender, een beslissing die ook de regeringsgezinde politiek commentator Ferenc Kumin “onbegrijpelijk” noemde.
Eind van de week werd Index, de grootste onafhankelijke nieuwssite van Hongarije, de toegang tot het parlement ontzegd nadat twee verslaggevers in het parlementsgebouw een satirisch filmpje hadden opgenomen en daarmee “minachting voor de volksvertegenwoordiging” hadden getoond.
Ook ontsloeg de staatstelevisie twee verslaggevers die sinds twee weken een hongerstaking hielden. Ze protesteerden ertegen dat diezelfde staatstelevisie het gezicht van kritische voormalige hoofd van de Hongaarse Hoge Raad in een verslag had uitgevaagd alsof het om een misdadiger ging. Ironisch genoeg was zulk wegretoucheren van politieke tegenstanders een gebruikelijke praktijk in de jaren van het communisme, waarmee Orbán volgens eigen zeggen wil afrekenen.
Maar niet alleen de media staan onder druk. De Europese Unie maakt zich zeer bezorgd over een nieuwe wet die een einde maakt aan de onafhankelijkheid van de Nationale Bank, en protesteert ook tegen een bepaling in de nieuwe grondwet dat belastingwetgeving in toekomst alleen met een tweederde meerderheid veranderd kan worden. In een reactie aan Barosso zei Orbán dat beide wetten belangrijke pijlers waren van de grondwet die op 1 januari wordt ingevoerd, en dat uitstel van de stemming daarover dan ook uitgesloten was.
De wetgeving over de Nationale Bank is vooral een punt van zorg, omdat de nieuwe wet de regering de mogelijkheid geeft de reserves van de bank te gebruiken, bijvoorbeeld voor het dichten van het gat in de begroting. De belastingwet raakt de fundamentele kritiek dat de nieuwe grondwet meer is dan slechts een kader voor toekomstige wetgeving, maar een bevestiging van het streven van de huidige regering om haar macht voor vele jaren vast te leggen.
"De nieuwe grondwet beoogt niet meer en niet minder dan de totale ideologische en spirituele hervorming van Hongarije,” aldus Milós Tallián, commentator bij het toonaangevende weekblad HVG en bij het conservatieve politieke weblog Mandiner. Het Hongarije dat Orbán voor ogen staat, is volgens hem een soort mengsel tussen Poolse vroomheid, de ijver van het Verre Oosten, Russische autoritaire willekeur en de natuurgebondenheid van traditionele agrarische samenlevingen. Volgens Tallián is de nieuwe grondwet dan ook op vele punten in conflict met de Europese regelgeving.
De Hongaarse regering lijkt op dit moment totaal niet genegen zich de binnen- en buitenlandse kritiek aan te trekken. Het omgekeerde lijkt eerder het geval. Orbán sprak de afgelopen weken herhaaldelijk over bewuste internationale financiële aanvallen op Hongarije. De conservatieve commentator Gábor Török beschuldigde Brussel er min of van Hongarije tot het bankroet te willen drijven om premier Orbán af te kunnen zetten. Maar dat zal niet gebeuren, aldus Fidesz-fractievoorzitter János Lázár: “Er mag nu veel onrust zijn, al kan ik niet zeggen of die intern is of van buitenaf wordt veroorzaakt, maar één ding is zeker: Viktor Orbán blijft minstens tot 2014 premier.”

dinsdag 8 november 2011

Sint Joris en de Hongaarse maagd

Je hebt mensen die van rellen houden. Ik niet, en ik heb er dan ook  alle begrip voor dat vreedzame Fidesz-aanhangers die op 23 oktober 2006 ongewild betrokken raakten bij de rellen tussen de oproerpolitie en extreemrechts, slechte herinneringen aan die dag hebben. Met je hele familie tussen het traangas en de zwaaiende wapenstokken staan is niet leuk, en klappen krijgen terwijl je niets hebt gedaan nog minder.
Maar om die rellen nou een van de belangrijkste gebeurtenissen van de Hongaarse geschiedenis van de afgelopen 100 jaar te noemen? Iets dat op één lijn staat met, bijvoorbeeld, de Eerste en Tweede Wereldoorlog, de Holocaust, de onderdrukking van het Stalinisme en de opstand van 1956?
Mij gaat dat wat ver, er vallen bij rellen wel vaker onterechte klappen. Maar toch is 23 oktober 2006 terechtgekomen in de reeks van 15 schilderijen die in opdracht van de regering zijn gemaakt ter herdenking van de historische hoogtepunten van de afgelopen eeuw. De kunstwerken zijn een aanvulling op vijftig soortgelijke schilderijen die eind 19de eeuw werden vervaardigd ter herdenking van het duizendjarig bestaan van het Hongaarse rijk.
En zo strijdt nu Sint Joris, de patroonheilige van de politie, niet tegen de draak, maar tegen een onschuldige, in het wit geklede Hongaarse maagd, terwijl vanaf de rand wenende vrouwen toekijken. Opmerkelijk, een beschermheilige die zich zo misdraagt. Daarmee klaag je niet een gebeurtenis, maar een hele organisatie aan. Wat moet dat toekomstige generaties leren? Dat de Hongaarse politie een wrede club vrouwenschenders is? Of dat heiligen ook niet onfeilbaar zijn?
De schilderijen zijn bedoeld om te vieren dat Hongarije op 1 januari een nieuwe grondwet krijgt. Het is een wonderlijke collectie werken, die tot stand kwam onder de bezielende leiding van theaterregisseur Imre Kerényi, een man die ervaring heeft met het organiseren van theatrale gebeurtenissen.


zaterdag 3 september 2011

Stormloop op nieuwe Hongaarse grondwet?

Zou de Hongaarse regering echt een stormloop van de burger op een eigen kopie van de nieuwe grondwet verwachten? Het lijkt er wel op. Afgelopen week kregen alle gemeenten een brief van staatssecretaris Erika Szabó met de opdracht om ervoor te zorgen dat op 1 september om 8 uur 's ochtends een GRONDWETSTAFEL in het gemeentehuis zou staan. De hoofdletters zijn niet van mij, maar van de staatssecretaris: iedere grondwetstafel moet voorzien worden van een bordje waarop de functie in kapitalen is geschreven.
Voor de meeste gemeenten was dat even aanpoten, want Szabós brief was weliswaar gedateerd op 26 augustus, ook al rijkelijk laat, maar kwam in veel gevallen pas de 30ste aan. En het ging niet zomaar om een tafel: er werden ook nog de nodige eisen aan gesteld.
De tafel moet staan  in een aparte ruimte, die ook nog eens passend moet zijn voor zijn functie: het bestellen van een eigen kopie van de grondwet door de burger. Naast de tafel staat een bestelbox. Wie een bestelling plaatst, mag rekenen op een gratis exemplaar dat ook nog eens ondertekend is door parlementsvoorzitter László Kövér persoonlijk. Je mag voor die man hopen dat de belangstelling niet al te groot is, want ik neem toch aan dat hij ook iets anders te doen heeft.


vrijdag 15 april 2011

NIEUWE GRONDWET

Bescherming van het embryo, een lijst met verdiensten waar Hongaren constitutioneel trots op moeten zijn, een grondwettelijke ontkenning van de Hongaarse verantwoordelijkheid voor de Holocaust: het zijn zomaar wat punten uit de nieuwe grondwet die het Hongaarse parlement komende maandag officieel aanneemt. Volgens juristen verzwakt de nieuwe constitutie de mensenrechten in Hongarije en krijgt de staat aanzienlijk meer macht.
Begin deze week stemde het Hongaarse parlement, of althans de regeringsfractie in het parlement, al over de laatste amendementen. Zo werd de forint vastgelegd als Hongaarse munt: een duidelijkere boodschap aan de EU dat deze regering geen boodschap heeft aan de euro kan het land nauwelijks afgeven. Op het allerlaatste moment is ook grondwettelijk bepaald dat rechters met 62 in plaats van 70 jaar met pensioen moeten. Samen met andere maatregelen heeft dat grote gevolgen voor de onafhankelijke rechtspraak.
Fidesz noemt de nieuwe constitutie een historische afrekening met het communisme, waar de huidige grondwet zijn wortels zou hebben. “De huidige wet stamt uit 1949. Hongarije is het enige post-communistische land dat na 1990 geen nieuwe grondwet heeft aangenomen,” aldus József Szajer, Fidesz-Europarlementariër, de man die de nieuwe constitutie volgens eigen zeggen "op zijn IPad tikte". Formeel is dat waar zijn, feitelijk werd de communistische grondwet eind 1989 in onderhandelingen tussen communisten en oppositie (waaronder Fidesz zelf) zo totaal herschreven, dat constitutionele juristen soms grappen dat zo ongeveer alleen het zinnetje ‘Boedapest is de hoofdstad” overeind bleef. De meeste juristen zijn het er wel over eens dat de wet best een opknapbeurt kon gebruiken (zo zou dat jaartal van 1949 eruit moeten), maar menen ook dat hij in principe voldeed aan alles waar een democratische grondwet aan moet voldoen.
Fidesz zag echter een historische kans. Voor de partij is de nieuwe grondwet ook de afronding van wat premier Orbán ‘de revolutie in het stemhokje’ noemt, de verkiezingsoverwinning die de partij in mei vorig jaar een tweederde meerderheid in het parlement bezorgde. Wat de partij stelselmatig vergeet te vermelden, is dat die meerderheid vooral aan het kiesstelsel te danken is. In stemmen kreeg Fidesz 53 procent van de kiezers achter zich. Tegenstanders wijzen er dan ook op dat 47 procent van de Hongaren in deze grondwet geen inbreng heeft gehad en zich er niet in herkent.
Een belangrijk kritiekpunt is dat er geen publiek debat over de grondwet geweest. Maatschappelijke organisaties werden helemaal niet in het proces betrokken. Een door de oppositie gevraagd referendum wees de regeringspartij af, hoewel uit recente opiniepeilingen blijkt dat zestig procent van de bevolking voor zo'n volksraadpleging zou zijn.
Wel is er een enquêteformulier verstuurd, met achttien vragen erop over de grondwet, waar mensen hun mening over konden geven. Daarvan schijnen er ruim 800 duizend terug te zijn gestuurd. Een geweldig succes, aldus Szajer. Wat met de inhoud van die enquêtes is gebeurd, is een groot raadsel, want tussen de uiterste inzendtermijn en de laatste stemmingen over amendementen zat iets van twee weken. Het is tamelijk onwaarschijnlijk dat al die formulieren in zo'n korte tijd zijn bekeken en verwerkt.
De oppositie heeft grotendeels geweigerd aan de voorbereidingen mee te werken. De socialistische MSzP haakte als eerste af, nadat duidelijk werd dat de Fidesz-meerderheid in de parlementaire grondwetscommissie ieder voorstel van die partij afwees. Ook de groene LMP stapte uiteindelijk uit de commissie.
Zelfs de extreemrechtse Jobbik stemde maandag niet meer mee, boos omdat een amendement dat land en water alleen nog maar aan Hongaren mogen worden verkocht, door Fidesz werd verworpen. “Daarmee is de maatschappelijke draagkracht van deze grondwet zeer zwak”, aldus de constitutionele jurist en voormalige Hongaarse ombudsman László Majtényi. Eenenveertig procent van de Hongaren blijkt een nieuwe grondwet sowieso niet nodig te vinden.
De nieuwe constitutie legt vooral de conservatieve en nationalistische ideologie van de regeringspartij vast. Vooral de preambule is een wonderlijke opsomming standpunten en ideeën. Zo moeten Hongaren in toekomst grondwettelijk trots zijn op "de magnifieke intellectuele scheppingen van het Hongaarse volk".
Het christendom geldt als “fundament van de natie”, terwijl andere godsdiensten worden “gerespecteerd.” De middeleeuwse Heilige Kroon, ooit gedragen door koningen die niet alleen over Hongarije, maar ook over Servië, Roemenië en Slowakije heersten, is het nieuwe symbool van nationale eenheid.
Homo-organisaties maken zich zorgen over de bepaling dat het huwelijk wordt een exclusieve verbintenis tussen man en vrouw wordt. Opmerkelijk is ook dat belangrijke onderdelen van het regeringsbeleid, zoals belasting- en pensioenwetgeving in de grondwet worden vastgelegd, wat betekent dat toekomstige regeringen die alleen kan wijzigen via een wijziging van de constitutie zelf.
Onder rechters leven grote zorgen over de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht, de basis van onze democratie. Behalve verlaging van de pensioensgerechtigde leeftijd, waardoor ruim 300 van de meest ervaren rechters hun baan verliezen, verdwijnt de in 1997 ingestelde autonomie van het rechtelijk apparaat op. Rechters gaan weer onder het ministerie van justitie vallen, zoals dat voor 1997 en onder het communisme het geval was. Daardoor krijgt de regering grotere invloed op benoemingen en zelfs op de vraag welke rechter welke rechtszaak behandelt. Verder beperkt de nieuwe grondwet de macht van het Grondwettelijk Hof en wordt het straks veel moeilijker om nieuwe wetgeving ter beoordeling aan dat hof voor te leggen.
Een groot aantal toprechters heeft zich inmiddels al in een open brief aan de EU gewend om in te grijpen. Zij noemen de bepaling dat rechters met 62 met pensioen moeten, "onverantwoord, slecht gemotiveerd en professioneel ongegrond." Wie de enorme achterstand bij de Hongaarse rechtbanken kent,moet het alleen om praktische redenen al volkomen met hen eens zijn.